paragraph
standard_text
Eventuele complicaties moeten worden opgespoord en gepast behandeld (bv. urinaire retentie).
collapsed_text
Mogelijke laxerende middelen
- Vezelrijke producten zoals psylliumkorrels leiden tot vochtabsorptie in de darm met als gevolg een volumineuze stoelgang. Hiervoor worden ze weinig gebruikt in de palliatieve zorg.
- Osmotische producten trekken ook vocht aan en zorgen voor een vochtige, vlotte stoelgang.
- zoutoplossingen zoals Movicol® zakjes 3 x 1 per dag
- suikeroplossingen die niet door de maag opgenomen worden en dus in de darm blijven zoals: lactulose: Duphalac® of Bifiteral® zakjes 3 x 1 per dag
- Contactlaxativa prikkelen het darmslijmvlies waardoor de darmbewegingen en de transit van de stoelgang wordt bevorderd. Deze producten kunnen eventueel darmkrampen, diarree en zelfs hypokaliëmie geven:
Voorbeelden zijn:- picosulfaat: Laxoberon® druppels 3 x 10 per dag; Dulcolax Picosulfaat® (tabletten of druppels)
- bisacodyl: Dulcolax Bisacodyl® : 2 tot 3 per dag
- Verwekers zijn middelen die de stoelgang zacht maken zodat hij beter naar buiten glijdt.
Een voorbeeld is paraffineolie 1 tot 2 soeplepels per dag - Prokinetica: prucalopride Resolor®: 1 tot 2 mg per dag
- Opioïdantagonisten:
- methylnaltrexon Relistor®: 12mg subcutaan om de 2 dagen
- naldemedine: Rizmoic®: 200µg per os per dag
Lavementen
- Microlax®.
- Glycerine zetpillen (minder agressief op het slijmvlies).
- Movicol® 8 zakjes per dag (2 per uur) bij sterk geïmpacteerde stoelgang.
- Lysomucil® 10 ampullen op 1 liter lauw water.
- Rectale sonde inbrengen tot boven de geïmpacteerde stoelgang en glycerine of Cleen® Enema opspuiten.
Indien al deze pogingen mislukken
- Manueel verwijderen van de stoelgang. Men verdooft de patiënt 30 minuten vooraf via een subcutane injectie met 5 mg Midazolam
- Klassieke laxativa mogen echter niet gestopt worden.
parent