Op de verschillende niveaus zitten vaak dezelfde receptoren zoals receptoren voor 5 hydroxytryptamine of serotonine, voor dopamine, acetylcholine, histamine.
Dit verklaart waarom hetzelfde product werkzaam is bij uiteenlopende oorzaken van braken.
Het centraal zenuwstelsel: ‘centraal braken’
- Anticholinergica: scopolamine ampullen met 0.25 - 0.50 mg; subcutaan om de 4 uur.
- Corticosteroïden bij hersenoedeem op hersentumoren of metastasen (Medrol®, Aacidexam® 5 mg ampullen subcutaan of opdrinken).
- Anxiolytica bij angst (Xanax®).
De chemoreceptor triggerzone
- Dopamine-2 antagonisten: haloperidol (Haldol®), chloorpromazine (magistraal), metoclopramide (Primperan®), domperidone (Motilum®), olanzapine (Zyprexa®), maar ook amitriptyline (Redomex®).
- 5HT3 antagonisten: zoals ondansetron (Zofran®).
Het braakcentrum
- Serotonine-antagonisten: amitryptiline (Redomex®).
- Antihistaminica: chloorpromazine.
- Anticholinergica: scopolamine, hyoscine butylbromide (Buscopan®).
Perifere zenuwen gastrokinetica
- Metoclopramide (Primperan®), domperidon (Motilium®), ondansetron (Zofran®).
Irritatie
- Maalox®, Gaviscon®.
- Protonpompinhibitoren: Omeprazole EG®, Nexiam®, Pantozol®, Pariet®.
Obstructie
- Haloperidol (Haldol®), scopolamine, hyoscine butylbromide (Buscopan®).
De anticholinergica hyoscine hydrobromide (scopolamine) en hyoscine butylbromide (Buscopan®) zijn structureel verwant en hebben een gelijkaardige activiteit. Het enige verschil is dat scopolamine tot in de hersenen doordringt, terwijl Buscopan® dat niet doet.
Enkel scopolamine is dus efficiënt bij centraal braken maar kan bij hogere doseringen verwardheid geven.
Zowel scopolamine als Buscopan® zijn werkzaam bij de doodsreutel.